Groen! kreeg antwoord van de minister.
De Lierenaar kon er niet naast kijken. Lier ondergrondse afvalsystemen vervingen de huisvuilzak vanaf 1 januari. Maar kon dit wel zonder bouwvergunning? Er is nog weinig juridische ervaring en de meningen liepen uiteen. Omdat wij de waarheid niet in pacht hebben, vroegen we het de minister. Dat leek ons een betere optie dan moord en brand te schreeuwen en zeggen dat het onwettig was.
Hier een samenvatting van het antwoord van verantwoordelijk minister Muyters op de parlementaire vraag van Dirk Peeters:
Volgens de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (Art 4.2.1) mag niemand zonder voorafgaande stedenbouwkundige vergunning een constructie optrekken.
Een constructie wordt als volgt gedefinieerd:
“constructie: een gebouw, een bouwwerk, een vaste inrichting, een verharding, een publiciteits-inrichting of uithangbord, al dan niet bestaande uit duurzame materialen, in de grond ingebouwd, aan de grond bevestigd of op de grond steunend omwille van de stabiliteit, en bestemd om ter plaatse te blijven staan of liggen, ook al kan het goed uit elkaar genomen worden, verplaatst worden, of is het goed volledig ondergronds; “
Hierop zijn echter uitzonderingen voorzien. In die lijst uitzonderingen staat o.a.:
j) de plaatsing van glasbollen, kledingcontainers en andere houders voor de selectieve verzameling en ophaling van afval, voor zover de gezamenlijke oppervlakte van die houders kleiner is dan tien vierkante meter; “
Artikel 4 van hetzelfde besluit bepaalt:
“Art. 4. De bepalingen van artikel 3 zijn van toepassing, onverminderd de regelgeving inzake beschermde monumenten, beschermde stads- en dorpsgezichten, landschappen en archeologische sites, waarvoor een apart systeem van toelatingen geldt.
De ondergrondse afvalcontainers in Lier voldoen aan de bepalingen van het besluit van 14 april 2000 en konden bijgevolg geplaatst worden zonder stedenbouwkundige vergunning.
De verwarring ontstond omdat er in West-Vlaanderen wel vergunningen werden verleend, maar daar ging het over een aanvraag gelegen in parkgebied van het gewestplan en over een aanvraag met een oppervlakte van meer dan 10 m². Deze aanvragen komen omwille van hun omvang en/of ligging niet in aanmerking voor een vrijstelling van het bekomen van een stedenbouwkundige vergunning met toepassing van bovengenoemd uitvoeringsbesluit.
